zaterdag 14 november 2009

Thailand en Laos

Sawat di ka/krap!
Sabaydee!

Het is alweer een tijdje geleden dat we nog eens iets van ons hebben laten horen... Tijd dus voor een nieuwe update! Midden oktober kwamen we vanuit India aan in Thailand Omdat onze vier Belgische reisvrienden Hannes, Davy, Wim en Daphne pas enkele dagen later arriveerden, besloten we de eerste dagen op het strand van Pattaya door te brengen. Wat we op voorhand niet wisten, was dat Pattaya bekend staat als de place 2 be om een Thaise schone op te pikken... De ene bar naast de andere dus, afgewisseld met relatie-advies-bureaus. Maar ons 'hotelletje' maakte veel goed: de Marriott Resort & Spa, een 5 sterren hotel met zicht op zee, mega zwembad, gratis cocktails, ontbijt, avondeten enz. Aan de receptie keken ze wel raar op van die 2 rugzaktoeristen die bovendien nog VIP-gasten bleken te zijn. En dat allemaal voor de prijs van 0,0 euro (dank je wel Deloitte!) Een beetje meer luxe dus dan we gewend waren, maar wel leuk om eens even uit te blazen.
De eerste dagen met de anderen brachten we door in Bangkok. We verkenden het koninklijk paleis en de belangrijkste tempels zoals de Wat Po. We bezochten de weekendmarkt en een Chinees feest met draken in Chinatown en maakten een ritje met de skytrein en met de taxiboot.
Daarna reden we met een boemeltreintje richting Kanchanaburi waar we verbleven in een drijvende guesthouse. Daphne had een 2 daagse tour geboekt: we trokken naar de Erawan watervallen, maakten een olifantenritje en een korte vlottentocht. We bezochten er ook het museum over de 2e wereldoorlog. In deze streek werd tijdens de 2e wereldoorlog een spoorlijn aangelegd door Britse, Nederlandse en Australische krijgsgevangenen waarbij velen sneuvelden door de erbarmelijke omstandigheden waarin ze moesten werken en leven. De brug over de river Kwai, de hellfire pass en oorlogskerkhoven zoals je die bij ons in de Westhoek vindt, zijn enkele overblijfselen hiervan.
In Sukothai fietsten we langs de overblijfselen van de oude hoofdstad. Bij een uitgeweken Belg aten we een overheerlijke Dame Blanche (met Belgische chocolade!) en namen we een duikje in het zwembad van zijn chique villa. Vandaaruit reden we met de nachttrein naar Chiang Mai in het noorden van Thailand.
Met volle maan in november wordt daar het Loi Kratong festival gevierd, het festival van het licht. 3 dagen feest dus, dag en nacht vuurwerk, bloemenbootjes op de rivier, 1000-en lampionnetjes in de straten, parades door de stad en papieren heteluchtballonnetjes die 's avonds worden opgelaten om geluk te brengen. Allemaal ontzettend leuk om die feesten van zo dichtbij mee te maken. We volgden hier ook een kookcursus dus de Thaise keuken kent nu geen geheimen meer voor ons.
Met een hobbelbus en tuktuk trokken we richting Laos. Met een overzetboot staken we de Mekong over, die de natuurlijke grens vormt tussen Thailand en Laos. In Luang Namtha maakten we een fietstocht door de rijstvelden, langs tempels en naar een waterval. We deden er ook een 2-daagse trektocht door de bamboojungle en langs enkele huttendorpjes van Lanten- en Khmustammen.
Vanuit Nong Khiaw in het noordoosten van Laos namen we de boot doorheen de prachtige de Nam Ou-vallei tot in Luang Prabang, door Unesco uitgeroepen tot werelderfgoedstad en omgeven door prachtige bergen, watervallen en grotten. De koloniale invloeden waren hier nog erg duidelijk aanwezig: La Vache qui rit, nutella, stokbroden en croissants, ... We waanden ons op sommige momenten meer in een Frans stadje dan in Azie. Bij een Belgisch homokoppel dronken we een Leffe en aten we stoofvlees met frietjes en het smaakte!!!
We hebben even getwijfeld of we wel langs Vang Vieng zouden gaan maar uiteindelijk hebben we het er toch maar op gewaagd en gelukkig maar, want de locatie was prachtig. Vang Vieng is een dorpje dat helaas iets te toeristisch geworden is en overspoeld wordt door puberale toeristen die er zich komen bezatten en de hele dag feesten op de 'tubing' rivier. Wij kozen ervoor om de rivier per kajak te verkennen, maar passeerden toch ook langs de swings, reuzenglijbanen, openluchtdisco's en dronken Aussies. Langs de andere kant deden we ook wel een beetje mee aan die toeristenhype, door in een van de vele loungebars naar Friends te gaan kijken.
Nu zitten we nog een laatste dagje in Vientiane, de hoofdstad van Laos die buiten een hele hoop wats (=tempels) niet echt veel te bieden heeft. Straks nemen we nachttrein terug naar Bangkok waar we afscheid zullen nemen van onze Belgische vrienden en daarmee ook van het Aziatische continent... We vliegen dan door naar Australie waar we Kerstmis en Nieuwjaar zullen vieren!
































































dinsdag 20 oktober 2009

Een kijkje nemen in India...

Eigenlijk stond India niet op ons lijstje, maar omdat onze vlucht naar Bangkok vanuit Delhi vertrok, omdat ons visum van Nepal ten einde was en onze vrienden pas de 23e toekomen in Thailand en ook wel omdat we misschien toch een beetje nieuwsgierig waren naar hoe het daar nu echt is, gingen we een kijkje nemen in India. We hadden er al veel verhalen over gehoord, maar kregen weer het bewijs dat je een land pas echt leert kennen als je er zelf naartoe gaat...
Nu, onze eerste kennismaking met India kwam goed overeen met die verhalen. Gorakhpur: vuil, chaotisch, stinkend, ... Het is niet meteen de tofste stad van het land, maar we moesten er zijn, want onze trein naar Agra vertrok hier. We sliepen er in een louch hotelletje waar in onze kamer een of andere slachtpartij moet plaatsgevonden hebben (volgens mij dan toch) aan de bloedvlekken op de muren te zien. Een voormiddagje sightseeing voor we de trein op moeten, dat hadden we gepland, maar we bleven eerlijkgezegd liever binnen.
De trein: we hadden slaapplaatsen, absoluut niet te vergelijken met de slaapplaatsen op de transsib: er zijn geen coupees in de trein, maar open compartimenten (enkel gescheiden door dunne wand) met 8 bedden, waar uiteindelijk ongeveer 12 man op slaapt, tralies voor de ramen (die constant open staan en dus allerlei stof, geurtjes en diertjes binnen laten). Maar goed, snamiddags moesten we nog niet slapen en probeerde ik een boek te lezen, tot we onderbroken werden door een groepje tieners dat meer over ons wou weten. We werden eigenlijk ook constant aangestaard door de mensen hier, precies alsof we van Mars kwamen, we waren dan ook wel de enige blanke toeristen op die trein...
Agra: de stad van de Taj Mahal. Volgens een belg die we in Nepal tegenkwamen zou Agra een verschrikkelijk vuile en drukke stad zijn, nog erger dan Delhi... Maar eigenlijk vonden wij dat Agra zeer goed meeviel, in vergelijking met Gorakhpur was het hier veel aangenamer, qua vuilheid en drukte was Agra goed aanvaardbaar, heel gelijkend aan wat we gewend waren uit Nepal in feite. Ons beeld van India begon dus positiever te worden. We bezochten het Fort in Agra en natuurlijk ook de Taj Mahal. Indrukwekkend gebouw. We proefden de Indische keuken en het was lekker.
Het station: op zn Indisch. Mijn beeld van India kreeg weer een deukje toen ik op het perron in Agra een oude dame zag kakken op het perron, dat was efkes slikken...
Delhi: grote stad, maar belange niet zo druk, vuil en chaotisch zoals gevreesd. Het is misschien omdat wij niet direct vanuit 'het westen' naar hier kwamen, maar via Rusland, Mongolie, China en Nepal geleidelijk aan gewend raakten aan Azie, dat we hier niet echt een cultuurshock hadden, want wij vonden Delhi best wel ok. We leerden er een beetje meer over de geschiedenis van het land in Ghandi zijn rol daarin in het Ghandi Smriti museum. Op het moment dat wij er waren was in India het Diwali festival aan de gang, met het hoogtepunt op zaterdag, onze laatste dag in Delhi. Diwali is het feest van het licht voor de Indiers (voor de meeste dan toch, want het is een feest dat gevierd wordt door hindu's), een beetje zoals kerstmis bij ons. De traditie wil dat mensen dan snoep kopen en cadeau doen aan elkaar en ook juwelen. Het kopen van goud en zilver in deze dagen zou je veel geluk brengen. De mensen versieren hun huizen met superveel lichtjes, nog veel meer dan je bij ons ziet met kerstmis. Zaterdag was iedereen ook druk in de weer met het ophangen van slingers van oranje bloemen en groene blaadjes. 's Avonds brandden er overal kaarsjes en in heel de stad werd vuurwerk afgestoken. Een heel spektakel.
Zaterdag was onze laatste dag in India, maar misschien komen we er ooit nog eens terug om de rest van het land te verkennen.



Agra fort



Taj Mahal





detail van koran inscriptie op de Taj (de zwarte steen 'onex' zou vanuit Belgie ingevoerd zijn)


glimp van Delhi

Chitwan National Park

Dag allemaal,

het is een tijdje geleden dat we nog eens iets op onze blog hebben gepubliceerd, dus we zijn jullie nog een aantal verhalen schuldig. Laten we beginnen bij onze laatste week Nepal. Die hebben we doorgebracht in en rond het Chitwan National Park, het grootste nationaal park van Nepal. Er leven neushoorns, bengaalse tijgers, lippenberen, pythons, cobra's, olifanten, 2 sooren apen, 4 soorten herten, duizenden vogels, ...
Een opsomming van onze jungle-activiteiten:
- een kanotocht op de rivier die de grens vormt van het nationaal park, normaal ideale manier om de zoet- en zoutwaterkrokodillen (de ene vlees- en de andere viseters) te zien, die komen graag aan de oevers liggen om op te warmen in de zon, maar wij hadden jammergenoeg regen tijdens onze kanotocht, en hebben bij gevolg geen krokodillen gezien (bij zonniger weer hebben we er wel eens een gezien aan de rivier)
- een tochtje op de rug van een olifant en van daarop neushoorns kunnen bewonderen op 2m afstand, ook hertjes gezien
- een fietstochtje door de nabijgelegen dorpjes (dit was dan even niet in het park)
- en het hoogtepunt van ons verblijf in Chitwan: een jungle walk! Jaja, echt 'te voet' door de jungle. We werden natuurlijk wel begeleid door 2 ervaren gidsen die het park door en door kennen. Onderweg kruisten 3 neushoorns ons pad, tis te zeggen, had onze gids ze niet opgemerkt, dan hadden we hen misschien onder de 'poten' gelopen, maar doordat hij ze hoorde, konden wij een aantal meter op het pad terugkeren en van op een veilige afstand toekijken hoe mama en kindje neushoorn en 2 minuten later ook nog papa neushoorn ons pad overstaken. Dat was efkes spannend, maar echt sjiek. We zagen ook gestipte herten, blaffende herten, en nog 1 soort waarvan ik de naam niet meer herinner, makaakaapjes, langur aapjes, een marabu, specht, visarend en nog heel wat andere vogels. En niet te vergeten, we hebben een tijger gehoord en een eind in zijn voetsporen gelopen (de gids rook tijgerurine van vroeger op de morgen). We hebben eigenlijk ook een tijger gezien (20cm van ons verwijderd door een houten omheining), maar dat was er jammergenoeg een in gevangenschap.
Om onze laatste dag in Nepal helemaal goed te maken, kwamen we nog eens (ondertussen waarschijnlijk al de 7e keer) toevallig Mike en Melanie tegen, onze zwitserse vrienden die we voor het eerst ontmoetten in een hostel in Moskou en die we daarna telkens weer helemaal toevallig (in een hostel, in de woestijn, bij de visumdienst of gewoon vanachter in een jeep) tegen het lijf liepen.
En zo was ons Nepalees visum ten einde en moesten we het land verlaten, met de bus naar de grens met India gereisd en daarachter stond ons iets anders te wachten. Maar daarover meer in een volgend bericht...


de neushoorns gezien vanop de rug van de olifant


en nog een beetje dichterbij


zonsondergangs boven het Chitwan park


de neushoorns op een paar meter afstand toen ze ons pad kruisten, niet scherp, want het moest rap gaan...


een aapje (langur)


en nog een aapje (speciale soort)...


Joke


een van de uitkijktorens in het park


aapje (makaak of rhesus aapje voor de kenners)

zondag 4 oktober 2009

Nepal ...

Nepal, het land waar ...

- de mensen hun handen samenhouden en namaste zeggen om je te begroeten
- de mensen constant rochelen en spuugen op straat in plaats van hun neus te snuiten
- de vrouwen even hard meewerken in den bouw als de mannen
- zaterdag de enige rustdag is en de kinderen dus ook op zondag naar school gaan
- mannen hand in hand lopen zonder dat ze homo zijn
- het vooral mannen zijn die kleren maken
- claxoneren zo vaak gebeurt als inademen
- auto's en bussen elkaar voorsteken zelfs al komt er vlakbij een tegenligger af
- de mensen soms hun dagen vullen met gewoon in de schaduw te zitten, liggen of hangen
- de bergen het hoogst zijn en de toppen besneeuwd
- de rijstvelden groen zijn
- winkels open zijn van 's morgens vroeg tot 's avonds laat
- je frietjes kan eten in een echte frituur
- geiten bovenop bussen worden vervoerd en varkens soms gewoon in de bus
- men altijd iets geeft of ontvangt met de rechterhand of beide handen samen
- momenteel een religieus festival aan de gang is waarbij veel dieroffers worden gebracht
- koeien zomaar midden op straat kunnen rondlopen, of er ook wel gewoon een siesta houden
- ze ter gelegenheid van het festival overal schommels gemaakt hebben met bamboostokken
- er een hemel van verschil is tussen Kathmandu en Pokhara
- je in Pokhara veel rustiger kunt rondlopen
- je in Kathmandu constant moet uitkijken om niet onder of tussen een auto/brommer/fiets/riskja terecht te komen
- dragers tot 60 kg bagage rond hun hoofd dragen
- ezels nog veel meer bagage naar boven dragen
- ik zeker nog eens wil terugkomen







donderdag 1 oktober 2009

de foto's













ABC

Namaste,

We zijn hier weer met een beetje nieuws van ergens op de wereld, deze keer vanuit Pokhara (Nepal), waar we sinds gisteren terug aangekomen zijn na onze 9-daagse trekking. Het is hier trouwens superwarm, te warm om iets te doen, gelukkig hebben ze in het internetcafe een ventilator.
Onze trekking dus, die begonnen we 10 dagen geleden samen met onze ‘drager’ Sabin (inderdaad, rare naam voor een jongen, maar in Nepal kan het). Trekkings worden hier meestal gedaan met drager en/of gids en omdat we aan het Baikalmeer nogal hebben afgezien met onze zware rugzakken dachten we, we nemen een drager, op die manier steunen we ook een beetje de lokale bevolking.
We startten hier in Pokhara, namen de taxi naar het busstation en van daaruit gingen we met een lokale bus naar Naya Pul, de bus was nog ‘lokaler’ dan degene die we de dag ervoor vanuit Kathmandu naar Pokhara namen (maar dit is nog een verhaal apart). Wij hadden gelukkig een zitplaats op de bus, maar die was kletsnat door de regen van de vorige avond, onderweg werden er voortdurend mensen bijgepropt, en we kregen ook gezelschap van een geit. Het is hier trouwens heel normaal dat geiten in of op de bus worden gestoken, we zagen ook al bussen waar de zetels uit verwijderd waren en waar varkens mee vervoerd werden. Mensen die in de bus geen plaats meer hebben, die kruipen gewoon bij de valiezen en geiten boven op het dak van de bus.


In Naya Pul begon onze trek. We kochten elk nog 2 stokken voor 20 cent het stuk en konden goed uitgerust vertrekken. De eerste dag viel goed mee, het pad ging op en neer, dus was nog niet al te lastig. We hadden goed weer, een beetje te warm misschien, want het zweet stroomde overvloedig van ons. ‘s Avonds sliepen we zoals elke nacht in een lodge (laat je niet misleiden door het woord, want het is onvergelijkbaar met wat ze in Namibie een lodge noemen). We sliepen in een klein kamertje dat van de andere gescheiden is door een dun muurtje en waar door de gaatjes en spleetjes maar al te graag leuke beestjes naar binnen kruipen. Maar goed, wat wil je nog meer voor 2 euro. In de ‘dining hall’ van de lodge kan je ‘s avonds en ‘s morgens eten. Je merkt dus dat er aan onze trek geen tent en gasvuurtje aan te pas kwam. Ze noemen de populaire treks hier ook wel de tea house treks, omdat je in ieder dorp (die op grotere hoogte meestal enkel bestaan uit lodges) kunt eten en slapen.

Ons eerste doel tijdens de trek was Poonhill, een uitzichtspunt, waar je ’s morgens bij zonsopgang normaalgezien kunt genieten van een prachtig zicht op de annapurna bergen. Wij hadden niet zoveel geluk, want vanaf dag 2 van de trek hadden we geen zo’n goed weer meer. Wandelen in de mist en de bergen in de wolken, het was niet zo heel erg leuk. Poonhill ging dan ook aan onze neus voorbij.

Maar we vervolgden onze weg naar de top (niet van de berg, maar van onze trek), Annapurna Base Camp (ABC). We leerden wat andere trekkers kennen, we zagen de Nepalese cultuur en natuur, we ontdekten de toffe bloedzuigers, ... De volgende dagen nog steeds geen al te best weer, maar naarmate we hoger kwamen hadden we meer geluk. Dat hoger komen had ook negatieve gevolgen, de hoogteziekte, die we allebei in lichte mate hebben leren kennen. Al ons zweet, onze spierpijn en afzien werd om 6u ’s morgens op dag 6 beloond door een heldere hemel en een prachtig zicht op alle bergen om ons heen.



En dan waren we klaar om terug af te dalen. Dit ging iets vlotter dan het stijgen, al zaten er toch nog meer dan genoeg bergops tussen. De knietjes begonnen dit te voelen. En gisteren kwamen we dus moe maar voldaan terug aan in Pokhara.

Meer foto's volgen later (wanneer we een snellere pc gevonden hebben)